News

Kwik in handen van basisschoolkinderen

20 augustus 2021

Twee basisschoolkinderen krijgen een potje met, wat later blijkt, kwik in handen. Dit potje belandt in een speeltuin, waardoor de grond vervuild raakt. De speeltuin wordt door de gemeente schoongemaakt. Wie is er in deze aansprakelijk voor de gemaakte kosten? Is dat de gemeente, de basisschool of toch de ouders?

Gevaarlijke stof in de handen van basisschoolkinderen

In 2017 hebben twee leerlingen bij het opruimen van een basisschool een potje met onbekende inhoud in handen gekregen. Dit potje stond op een stelling (2,10m hoogte) in een ruimte bestemd voor oud papier, printen en opslag. Eén van de leerlingen (A) heeft dit potje met inhoud meegenomen.

Grondvervuiling

‘s Middags na schooltijd is leerling A gaan spelen bij een vriendje. De jongens hebben op zolder gespeeld. Het potje met onbekende vloeistof is daarbij gevallen en deel van de inhoud is op de zoldervloer terecht gekomen. Wanneer de moeder van A hem komt halen, laat hij het potje zien en vertelt dat het een soort las spul is. De moeder van A vertelt hem dat hij het potje weg moet gooien. Onderweg naar huis stopt zijn moeder bij een gemeentelijke speeltuin om A nog even te laten spelen met een paar vrienden die daar ook waren. Hier heeft leerling A het potje met inhoud in de bosjes gegooid. Later op die dag belt de moeder van het vriendje op met de mededeling dat er allemaal vlekken in haar woning waren waarvan het niet lukte om ze te verwijderen.. Kort na dit telefoontje vertelt een derde partij haar dat de onbekende inhoud waarschijnlijk kwik betreft, waarna de politie is ingeschakeld. Het speeltuintje is afgezet en er zijn inderdaad kwiksporen in de grond aangetroffen. De gemeente heeft daarop het gebied rond de speeltuin schoon gemaakt, waarbij derden zijn ingeschakeld. De totale kosten van deze operatie bedroegen € 17.271,41.

Aansprakelijkheid

De gemeente stelt de moeder van A aansprakelijk. Zij heeft een aansprakelijkheidsverzekering en deze vergoedt de schade van rond de €19.000,- aan de gemeente (incl. extra kosten). Vervolgens stelt deze verzekeraar de scholengemeenschap (waar de basisschool deel van uit maakt) aansprakelijk en gaat hiermee naar de rechter. De verzekeraar wil rond de €21.000,- van de scholengemeenschap (het schadebedrag vermeerderd met buitengerechtelijke incassokosten) vorderen.

Standpunten zorgverzekeraar

De verzekeraar stelt de scholengemeenschap aansprakelijk voor het onrechtmatig handelen jegens de gemeente (art. 6:162 Burgerlijk Wetboek). Het heeft als bewaarder van de gevaarlijke stof immers niet kunnen voorkomen dat deze stof in handen kwam van kinderen, waardoor er schade kon ontstaan bij derden. Hierdoor achten zij de scholengemeenschap aansprakelijk volgens art. 6:175 van het Burgerlijk Wetboek (BW).

Nalatigheid

De rechter begint bij het vaststellen van de feiten. De gemeente is onrechtmatig behandeld als eigenaar van de grond waar het speeltuintje zich bevindt. A is minderjarig waardoor de aansprakelijkheid bij A zijn ouders (moeder) komt te liggen. De moeder van A is verzekerd en de verzekering is zijn verplichting nagekomen door de opgelopen schade uit te keren.

De rechter stelt vast dat de school onzorgvuldig is geweest in het afschermen van het potje met kwik. De ruimte was immers toegankelijk voor leerlingen waardoor de leerlingen in aanraking zijn gekomen met de gevaarlijke stof.

De rechter stelt dat dit niet per definitie inhoudt dat de school onrechtmatig jegens de gemeente heeft gehandeld. De rechter geeft aan dat het potje met kwik niet meer onder beheer was van de school toen de schade veroorzaakt werd. Hierdoor vervallen beide aanklachten vanuit art. 6 BW.

Beslissing

Hoewel de school verweten kan worden dat het onzorgvuldig is geweest in het afschermen van de giftige stof, betekent dit niet dat de school daardoor onrechtmatig heeft gehandeld jegens de gemeente. De school kan niet aansprakelijk gesteld worden voor de schade en de daarbij komende kosten voor het schoonmaken van de speeltuin. De rechter benoemd dat de moeder van A hiervoor aansprakelijk is. Dit doordat de moeder van A niet door heeft gevraagd naar het potje met onbekende inhoud, waardoor het voorval zich kon voordoen. De rechter zegt daarmee dat de moeder A nalatig is geweest en acht de school in deze niet aansprakelijk. De verzekeraar verliest de rechtszaak en mag het bedrag van €21.000,- niet vorderen.

Bron: ECLI:NL:RBNNE:2021:2160, 8778859 \ CV EXPL 20-6221 (Noord-Nederland 4 April, 2021). Rechstpraak.nl

DEEL DIT