News

Verduurzaming aantrekkelijker voor VvE’s door Energiebespaarfonds

12 april 2019

Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heeft 40 miljoen euro beschikbaar gesteld, hiermee (en met een aanvullende bijdrage van de co-financiers Rabobank, ASN Bank en de Council of Europe Development Bank) groeit het Nationaal Energiebespaarfonds (NEF) naar 600 miljoen euro. Het NEF ontwikkelt op verzoek van het ministerie nieuwe financieringsmogelijkheden.

Voor Verenigingen van Eigenaren (VvE’s) is het door de uitbreiding van het Energiebespaarfonds nu mogelijk om een lening met een langere looptijd van 30 jaar af te sluiten. Dit is een aanvulling op de huidige lening met een looptijd van 10 en 15 jaar. Deze lening is beschikbaar voor VvE’s die vergaande verduurzamingsmaatregelen nemen. De aflossing wordt gespreid over een langere periode, waardoor de maandlasten dalen. Dat maakt groetere investeringen voor VvE’s aantrekkelijker.

Daarnaast kunnen particulieren vanaf nu ook een Energiebespaarlening aanvragen voor het alsnog aardgasvrij maken van een nieuwbouwwoning. Het gaat om nieuwbouwwoningen die met een gasaansluiting waren ontworpen en gekocht, maar die de koper alsnog aardgasvrij wil laten opleveren. Particulieren die voor 1 september 2018 een nog te bouwen nieuwbouwwoning hebben gekocht, kunnen de kosten van de maatregelen financieren met een Energiebespaarlening. Deze faciliteit is mogelijk gemaakt met een bijdrage van het ministerie van BZK en Rabobank.

“Het verduurzamen en van het aardgas afhalen van alle woningen is een grote klus”, aldus minister Ollongren. “Een vijfde van de woningvoorraad valt onder een VvE dus daar kunnen grote stappen gezet worden. Met de verandering van de voorwaarden wordt het voor VvE’s veel aantrekkelijker om te investeren in verduurzaming. De woningeigenaar krijgt daar een lagere energierekening en meer comfort voor terug. Ik hoop dan ook dat het Nationaal Energiebespaarfonds bij VvE’s net zo succesvol zal worden als bij de andere woningbezitters. Met de extra stortingen kunnen we flink vooruit.”

Bron: Rijksoverheid
DEEL DIT