News

We zijn los! Kritiekversies ISSO82.1, ISSO75.1 en BRL9500 zijn vrijgegeven door CCvD.

8 april 2019

Naar aanleiding van de nieuwe rekenmethodiek voor het bepalen van de energieprestatie van gebouwen, welke geschikt is voor alle gebouwen (woning- en utiliteitsbouw) en bestaand en nieuwbouw, is er een nieuw technisch voorschrift geschreven (NTA8800). Door deze nieuwe methodiek sluiten rekenmethodieken voor de bestaande en nieuwbouw vanaf heden op elkaar aan. Als gevolg van deze wijziging dienden de opname protocollen (82.1 en  75.1) en BRL9500-certificeringseisen te worden herzien en aangepast.

Woensdag 3 april

Op woensdag 3 april was het zover, waar alle vakbekwame EPA-adviseurs, BRL9500 gecertificeerde organisaties en overige marktpartijen met smacht op zaten te wachten. De kritiekversies voor eisen voor procescertificering in de BRL9500 en opnameprotocollen, opgesteld volgens de nieuwe norm – de NTA8800, zijn door het Centraal College van Deskundigen (CCvD) vrijgegeven. T.w.:

  • BRL9500-W voor het bepalen van de energieprestatie van woningen en woongebouwen, versiedatum 020419;
  • BRL9500-U voor het bepalen van de energieprestatie van utiliteitsgebouwen, versiedatum 020419;
  • ISSO-publicatie 82.1 Energieprestatie Woningbouw (Energieprestatierapport; Methode 2020) versiedatum 290319;
  • ISSO-publicatie 75.1 Energieprestatie Utiliteitsbouw (Energieprestatierapport; Methode 2020) versiedatum 290319;
  • BRL9501: “Methoden voor het berekenen van het energiegebruik van gebouwen en de energetische en financiële gevolgen van energiebesparingsmaatregelen”, versiedatum 020419.

Het is van groot belang dat de uiteindelijke eindproducten van een goede kwaliteit zijn alvorens wij als markt ermee aan de slag gaan. We willen graag allemaal goed van start gaan en daarom aan ons en u om met een kritische bril de opname protocollen en BRL9500 in te lezen en eventuele kritieken voor 30 april 2019 in te dienen via het kritiekformulier aan frances.vandenbergh@installq.nl.

Gevolgen van de implementatie NTA8800

  • De NEN 7120 , het Nader Voorschrift alsmede ISSO-publicatie 75.3 komen te vervallen;
  • Bestaande indicatoren EPC (EnergiePrestatieCoëfficiënt) en EI (Energie-Index) komen te vervallen en worden deze vervangen door de grootheid kWh/m2 per jaar;
  • Berekeningen leiden volgens de nieuwe methode tot verschillende energieprestatie-indicatoren, welke aansluiten op o.a. de BENG-eisen (vervangen de EPC-eis) voor nieuw te bouwen en nieuw opgeleverde gebouwen, als ook de waarde voor de netto warmtevraag in het kader van de EnergiePrestatieVergoeding (EPV). Daarnaast wordt de waarde bepaald voor het aantal uren temperatuuroverschrijding in verband met oververhitting.

Korte toelichting op de documenten

ISSO publicaties 75.1 (Utiliteitsbouw) en 82.1 (Woningbouw): In de opnameprotocollen is de splitsing in basis- en detailopname uitgewerkt op basis van de laatst van het Ministerie van BZK verkregen informatie. Inhoudelijk heeft de nadruk gelegen op de vertaling van de NTA naar de parameters voor opname en invoer in de software. De finale lay-out is uitgewerkt in hoofdstukken 10 & 14 van ISSO-publicatie 82.1 Woningbouw en hoofdstukken 10, 14 & 15 van ISSO-publicatie 75.1 Utiliteitsbouw. In de stroomschema’s op de pagina’s 13 tot en met 17 is te lezen hoe de keuze voor één van de twee opnamemethoden nu wordt aangestuurd.

De belangrijkste verschillen met de huidige protocollen zijn:

  • Er zijn nieuwe parameters aan de methodiek toegevoegd;
  • De nieuwe methode gaat ervan uit dat zo uitgebreid mogelijk gegevens worden verzameld;
  • Voor zowel nieuwbouw als bestaande bouw kunnen dezelfde geaccepteerde technieken gebruikt worden en effect hebben op het resultaat. In de berekening mogen alleen gecontroleerde kwaliteitsverklaringen worden gebruikt;
  • Een protocol is toegevoegd voor de energieprestatieberekening voor nieuw te bouwen gebouwen in het kader van de aanvraag van een omgevingsvergunning. Bij oplevering wordt de energieprestatie nieuwbouw bepaald. Tijdens het bouwproces moet bepaalde informatie worden verzameld en opgenomen in een gebouwdossier. Voor de energieprestatie bij oplevering mogen waarden alleen worden gebruikt, als hiervoor bewijsmateriaal in het dossier aanwezig is;
  • Voor woongebouwen moet de energieprestatie bepaald worden:
    • Bij indiening van de omgevingsvergunning (“nieuw te bouwen woongebouw”): voor het hele woongebouw (hiervoor gelden ook BENG-eisen)
    • Bij oplevering (“nieuwbouw”) voor zowel het totale gebouw als individuele woningen
    • Voor bestaande woongebouwen is alleen de energieprestatie van individuele woningen van belang;
  • Bij bestaande utiliteitsgebouwen gaat het om de energieprestatie van het totale gebouw of van afzonderlijke te verhuren gedeelten van een gebouw, bij voorbeeld een winkel in een winkelcentrum.

BRL 9500-W en BRL9500-U: De ter kritiek liggende BRL9500-delen hebben betrekking op de “wettelijk aangewezen delen”. Belangrijk om daarbij te weten is dat:

  • De BRL-delen die betrekking hadden op woningbouw (delen 01 en 05) en op utiliteitsbouw (03 en 06) samengevoegd worden tot respectievelijk een BRL9500-W(oningbouw) en BRL9500-U(tiliteitsbouw);
  • De werkzaamheden binnen de regelingen betrekking hebben op de bepaling van de energieprestatie ten behoeve van
    • bestaande gebouwen (inde BRL aangeduid als “bestaand”
    • nieuw te bouwen gebouwen in het kader van de aanvraag van “een Omgevingsvergunning (in de BRL aangeduid als “nieuw te bouwen”)
    • opgeleverde gebouwen (in de BRL aangeduid als “nieuwbouw”).

De afgemelde energieprestaties zullen, net als nu bij de bestaande bouw het geval is, worden afgemeld, en steekproefsgewijs door de certificerende instellingen worden gecontroleerd.

  • Het aantal controles boven de 1000 Energieprestatieberekeningen (voor woningen) per jaar wordt verhoogd van 0,05 naar 0,5% per jaar;
  • Bijscholing een verplicht onderdeel wordt voor het bijhouden van de vakbekwaamheid;
  • Nog onderzoek loopt naar hoe in de nieuwe rekenmethodiek het criterium voor de maximaal toegestane afwijking wordt gedefinieerd. Dit omdat de huidige grens van 8% bij de nieuwe waarden voor de energieprestatie niet in alle gevallen bruikbaar is.

Maatwerkadvies

De prioriteit ligt bij het aanpassen van de wettelijk aangewezen documenten. InstallQ overweegt, mocht hier behoefte aan zijn, de nieuwe rekenmethodiek op een nader te bepalen moment ook te integreren in een maatwerkadviesdeel (huidige delen 02 en 04).

BRL 9501: Het omzetten van de huidige methode naar de NTA-methodiek betekent ook aanpassing van de softwarepakketten. De wijzigingen die in de voorliggende nieuwe versie van de BRL9501 zijn aangebracht, hebben vooral betrekking op versiebeheer door softwareleveranciers en het waarborgen dat gegevens kunnen worden overgedragen na beëindiging van een opdracht. ISSO publicatie 54, waarin de EDR-testen worden beschreven, en waarnaar de BRL9501 verwijst, is nog in ontwikkeling en wordt nu niet ter kritiek voorgelegd. Naar verwachting zal het CCvD van InstallQ in het najaar van 2019 de ISSO publicatie 54 in combinatie met de BRL 9501 aanwijzen.

Kortom een heleboel veranderingen, waar u als markt mee te maken gaat krijgen en wij als opleider mee aan de slag moeten om u klaar te stomen om gebouwen op te kunnen gaan nemen volgens de nieuwe methodiek en daarmee energieprestatie van de gebouwde omgeving te bepalen.

Wij gaan er volop mee aan de slag, houd onze nieuwsbrieven (meld u hier aan) en website goed in de gaten en wellicht zien wij elkaar ter zijne tijd bij ons in Zeist!

Voor extra toelichting op de ontwikkelingen rond de NTA8800, het stelsel van kwaliteitsrichtlijnen (BRL9500/9501) en diplomering en examinering is te vinden op www.installq.nl.

Bron: InstallQ
DEEL DIT